Den Helder ligt op een bijzondere plek. Aan drie kanten omarmd door zee. Die ligging bracht de stad veel. De marine vestigde zich hier, de haven groeide uit tot een belangrijke schakel voor Nederland en generaties inwoners leefden met de zee als buur. Maar dezelfde strategische ligging maakte Den Helder in oorlogstijd ook kwetsbaar. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de stad onderdeel van de Atlantikwall, de verdedigingslinie die de Duitsers langs de Europese kust aanlegden. Overal verschenen bunkers in het landschap.
Veel van die bunkers staan er vandaag nog steeds. Soms verscholen in de duinen, soms verborgen onder het zand. Op één plek kregen ze zelfs een totaal nieuwe betekenis: De Nollen.
Wie vandaag over De Nollen wandelt, ziet een landschap vol kunstwerken, stalen sculpturen, beschilderde ruimtes en verrassende doorkijkjes. Wat veel bezoekers niet weten, is dat onder dat kunstlandschap nog altijd tientallen bunkers verborgen liggen. Niet als losse herinnering aan de oorlog, maar als onderdeel van het kunstwerk zelf.
Een jongen uit Huisduinen
Om dat verhaal te begrijpen, moet je eigenlijk terug naar Huisduinen.
Daar groeide kunstenaar Ruud van de Wint op. Lang voordat hij bekend werd als maker van de monumentale kunstwerken in de Tweede Kamer, was hij een jongen die met oudere broers door de duinen struinde. Zoals zoveel kinderen uit die tijd ontdekten zij de verlaten bunkers die na de oorlog achterbleven. Ze verkenden donkere gangen, verborgen ruimtes en ondergrondse doorgangen. Plekken die tegelijk spannend, mysterieus en fascinerend waren.
Vrijwilliger en gids Martin Nieuwerf denkt dat die ervaringen Van de Wint nooit helemaal hebben losgelaten.
“Als je kijkt naar zijn werk zie je steeds weer het spel tussen donker en licht terugkomen. Je ziet tunnels, doorgangen en ruimtes die iets met je doen.”
Jaren later zouden die jeugdherinneringen op een bijzondere manier terugkeren.
Geen museumzaal
Ruud van de Wint groeide uit tot een van de belangrijkste Nederlandse kunstenaars van zijn generatie. Miljoenen Nederlanders kennen zijn werk zonder het te weten. De monumentale schilderingen in de plenaire Tweede Kamer zijn bijvoorbeeld van zijn hand. Toch werd hij vaak omschreven als de bekendste onbekende kunstenaar van Nederland.
Zijn grootste werk maakte hij niet in een museum of overheidsgebouw, maar in Den Helder.
Toen Van de Wint in 1980 de beschikking kreeg over De Nollen, trof hij geen leeg stuk grond aan. Er stonden zo’n 26 bunkers verspreid over het terrein. De brandweer oefende er, een motorcrossclub reed er rond en op verschillende plekken lag materiaal opgeslagen.
Waar anderen een rommelig terrein zagen, zag Van de Wint mogelijkheden. Hij wilde geen kunst maken die zich moest aanpassen aan een museumzaal. Hij wilde ruimtes creëren die onderdeel werden van zijn kunst. Daarvoor had hij letterlijk de ruimte nodig.
En die vond hij op De Nollen.
Bunkers als bouwstenen
Opvallend genoeg besloot Van de Wint de bunkers niet weg te halen. Hij gebruikte ze.
Sommige verdwenen langzaam uit het zicht doordat het landschap veranderde. Andere werden onderdeel van nieuwe kunstwerken. Weer andere vormden de fundering waarop nieuwe ideeën konden worden gebouwd.
Een mooi voorbeeld is de Harmonica, een van de grootste kunstwerken op het terrein. Het enorme stalen werk weegt ruim 27 ton. Dankzij een stevige bunkerfundatie kon het juist op die plek worden geplaatst. Wat ooit werd gebouwd voor verdediging, draagt nu letterlijk een kunstwerk.
Ook bij andere werken keren de bunkers terug. Onder sommige kunstwerken bevinden zich nog altijd bunkerruimtes. Bij Aether II vormt een oude bunker de basis van een monumentale beschilderde ruimte. En bij Eidolon lopen bezoekers door donkere gangen richting het licht.
Wie het weet, ziet de bunkers overal terug. Wie het niet weet, ervaart vooral een landschap waarin kunst, natuur en geschiedenis naadloos in elkaar overlopen.
Een nieuwe betekenis voor nog veel meer plekken
De Nollen staat daarin niet op zichzelf. Op meer plekken in Den Helder kregen locaties met een militaire of maritieme geschiedenis een nieuw leven. Willemsoord veranderde van Rijkswerf in een plek voor cultuur, horeca en evenementen. Forten werden musea en ontmoetingsplekken. Ook op De Nollen gebeurde iets vergelijkbaars.
Misschien is dat wel typisch Den Helder. Een stad die haar verleden niet verstopt, maar er iets nieuws van maakt. Niet door de geschiedenis uit te wissen, maar door er een nieuwe laag aan toe te voegen. Op De Nollen zie je dat misschien wel op zijn mooist terug.
Je moet het ervaren
Volgens Martin zit daarin ook de kracht van De Nollen.
“Veel mensen denken dat ze De Nollen kennen omdat ze er vaak langs zijn gereden. Maar zodra ze het terrein oplopen ontdekken ze dat het heel anders is dan ze verwachtten.”
Kinderen zijn vaak direct gefascineerd door de tunnels en verborgen ruimtes. Volwassenen worden juist geraakt door de schaal van de kunstwerken, de kleuren en de stilte.
Zelf herinnert Martin zich zijn eerste bezoek nog goed.
“Ik kon er die avond bijna niet van slapen. Er gebeurde zoveel in mijn hoofd. Door de vormen, de kleuren en de ruimtes. Ik bleef erover nadenken.”
Misschien is dat wel wat De Nollen zo bijzonder maakt. Het vertelt niet alleen het verhaal van een kunstenaar, maar ook het verhaal van Den Helder zelf. Een plek waar de zee, de geschiedenis en de verbeelding samenkomen in een landschap dat je nergens anders zult vinden.